Op 19 augustus 1975 zet Carla Lont haar handtekening onder haar diploma aan de Rijksarchiefschool in Den Haag. Na vier intensieve studiejaren is ze klaar om terug te keren naar Paramaribo, haar geboortestad. Ze wil bouwen aan iets wat Suriname nog niet heeft: een stevig, professioneel archiefwezen. Daarmee schrijft zij geschiedenis als de eerste vrouwelijke archivaris van Suriname.
Carla Lont wordt geboren op 12 mei 1944 in Paramaribo. Al jong leert zij zelfstandig haar weg te vinden. Op haar achttiende raakt ze zwanger en moet ze haar ouderlijk huis verlaten. Als alleenstaande moeder combineert ze zorg, werk en studie. Na een opleiding archiefverzorging en administratieve organisatie vertrekt ze in 1974 naar Nederland om te studeren aan de Rijksarchiefschool — als eerste in haar familie en als enige vrouw van kleur in haar klas.
Haar interesse in geschiedenis zat diep. Volgens haar dochter Elaine voelde Carla zich altijd thuis tussen oudere mensen, luisterend naar verhalen over vroeger. Die verhalen moesten bewaard blijven — in Suriname zelf.
In de jaren zeventig bevinden vrijwel alle Surinaamse archieven zich in Nederland. Suriname heeft nog geen eigen archiefschool en geen volwaardige archiefinstelling. Carla Lont wil dat veranderen. Ze ziet archieven niet alleen als administratief hulpmiddel, maar als de basis voor het collectieve geheugen van een natie.
Na haar afstuderen keert ze terug naar Suriname en gaat werken bij het Ministerie van Onderwijs en Volksontwikkeling. Daar richt ze de afdeling Post- en Archiefzaken op. Ze leidt personeel op, schrijft beleidsstukken en pleit onvermoeibaar voor goede opslag, toegankelijkheid en bescherming van archieven — ondanks beperkte middelen, politieke spanningen en structurele ongelijkheid.
“Het is de hoogste tijd dat men in Suriname gaat denken aan de historie van het land, het volk — de historie van de natie.”
— Carla Lont
De strijd voor het Surinaamse archiefwezen is geen makkelijke. De onafhankelijkheid van 1975, moeizame relaties met Nederland en financiële onzekerheden beperken investeringen in cultuur en erfgoed. Toch blijft Lont zich uitspreken. Ze schrijft brieven, artikelen en beleidsstukken en neemt deel aan (inter)nationale conferenties over archieven en restitutie van cultureel erfgoed.
Als vrouw in een door mannen gedomineerd veld komt ze ook op voor arbeidsrechten, gelijke beloning en een veilige werkomgeving, niet alleen voor zichzelf, maar ook voor collega’s en ondersteunend personeel.
Na de staatsgreep van 1980 vertrekken haar kinderen één voor één naar het buitenland. Carla blijft in Paramaribo, werkend aan haar missie, terwijl ze haar gezin op afstand onderhoudt. Ze combineert meerdere banen: docent, beleidsmedewerker, secretaris en adviseur.
In 1992 verhuist ze definitief naar Nederland. Daar werkt ze bij het ministerie van Binnenlandse Zaken en volgt aanvullende opleidingen in archief- en informatiewetenschap. Ook in Nederland blijft ze actief in de vrouwenbeweging en zet ze zich in voor antiracisme en de zichtbaarheid van zwarte, migranten- en vluchtelingenvrouwen in archieven.
Carla Lont overlijdt op 28 juli 1999, op 55-jarige leeftijd. Ze maakt de opening van het Nationaal Archief Suriname in 2006 niet meer mee. Toch is haar invloed onmiskenbaar. Haar visie, vasthoudendheid en overtuiging dat archieven thuishoren in het land waar ze zijn ontstaan, leven voort.
Vandaag zijn de Surinaamse archieven weer toegankelijk in Paramaribo, precies zoals Carla Lont het voor ogen had.